Gebruikersruimten, terugblik op een woelige periodedi 20 sep 2005 - Het afgelopen jaar is er veel te doen geweest rondom de vestiging van gebruikersruimten in de stad. Vooral in de discussie over de locatie aan de Van der Vennestraat liepen de gemoederen hoog op. Nu de besluitvorming in de gemeenteraad achter de rug is, wil ik graag nog eens uitleggen waarom we kiezen voor gebruikersruimten en hoe we kiezen voor de plekken in de stad. De komst van gebruikersruimten is onderdeel van het gemeentelijk beleid om de drugsoverlast in de stad aan te pakken. Het beleid van de gemeente is erop gericht om zowel de overlast op straat te verminderen als de hulp en zorg aan harddruggebruikers te verbeteren. Burgemeester Deetman en ik trekken hierbij gezamenlijk op, samen met onze partners in de stad zoals politie/justitie en de verslavingszorg van Parnassia. Zo treedt de politie op tegen drugshandel en overlast en probeert Parnassia mensen te helpen van hun verslaving af te komen. Den Haag doet ook mee aan de strafrechtelijke opvang verslaafden (SOV) waarbij criminele harddruggebruikers de kans krijgen om af te kicken en aan de gereguleerde verstrekking op recept van heroïne. Er zijn werkgelegenheidsprojecten voor verslaafden, huisartsen en tandartsen voor verslaafden, woonprojecten, methadonprojecten en schuldhulpverlening opgezet. Goede voorzieningen voor harddruggebruikers zijn onmisbaar, zowel voor de doelgroep als de stad als geheel. Het mes snijdt aan twee kanten. Goede zorg voor sociaal kwetsbare mensen helpt hen een beter bestaan te leiden, maar draagt ook bij aan het tegengaan van verloedering en overlast. Met de gemeenteraad is afgesproken om in die wijken waar de drugsoverlast het grootst is opvangvoorzieningen voor harddruggebruikers (gebruikersruimten) te vestigen. Omdat in de Schilderswijk en de Stationsbuurt/Oude centrum de problemen met druggebruik op straat het grootst zijn, hebben we ervoor gekozen in deze wijken te beginnen met gebruikersruimten. Stedelijke voorzieningen voor harddruggebruikers kunnen in principe in de hele stad een plekje krijgen. Zo is de medische verstrekking van heroïne gevestigd in Loosduinen en zitten er op Bloemendaal en in de Zeestraat voorzieningen waar verslaafden hulp krijgen om af te kicken. Gebruikersruimten en ook de decentrale methadonverstrekking hebben een wijkgebonden karakter. Ze zijn gericht op harddruggebruikers in de wijk en bieden dus ook soelaas voor problemen in de wijk, namelijk het druggebruik op straat. Wat is nu eigenlijk een gebruikersruimte? De gebruikersruimte krijgt gestalte vanuit de zorg, maar óók vanuit openbare orde en veiligheid. Het is een plek waar dakloze gebruikers van harddrugs hun middelen kunnen gebruiken. De gebruiker hoeft niet meer gehaast in portieken of groenvoorzieningen te roken of te spuiten, met alle nadelen van dien. De voorziening biedt de mogelijkheid tot douchen, het wassen van kleren en het voeren van gesprekken met hulpverleners die naast een aanbod in de sfeer van maatschappelijk werk ook medische zorg kunnen bieden. Belangrijk is het opbouwen van contact met de gebruiker om tot meer vormen van zorg en begeleiding te komen. De gebruikersruimte is alleen toegankelijk voor mensen met een pasje. De hulpverlening en de politie kennen door hun aanwezigheid op straat de dak- en thuisloze verslaafden in de wijken. De pasjeshouder moet zich houden aan de regels die in en buiten het pand gelden en heeft veel te verliezen bij slecht gedrag, want dan wordt zijn pasje ingetrokken. Een begeleidingscommissie waarin de buurt, de verslavingszorg en de politie vertegenwoordigd zijn houdt de situatie in en rond het pand nauwgezet in de gaten. Van der Vennestraat De gemeente heeft lang gezocht naar een goede locatie voor een gebruikersruimte in de Schilderswijk. Uiteindelijk kwam het voormalige politiebureau aan de Van der Vennestraat als meest geschikte pand naar voren. Het pand beschikt over voldoende vierkante meters, de juiste bestemming en voldoet aan de veiligheidseisen. De omgeving van het pand is overzichtelijk en politiebureau De Heemstraat ligt op een steenworp afstand. Uit eigen ervaring weet ik dat bewoners nooit blij zijn met de komst van een voorziening voor harddruggebruikers in hun buurt. Maar in de Van der Vennestraat speelt nog iets anders mee: de directe nabijheid van een kinderspeelplaats. Daardoor werd de discussie overheerst door de emoties van ouders die zich zorgen maken over de veiligheid van hun kinderen. Ik begrijp de bezorgdheid van de ouders rond het Van der Vennepark heel goed. Ik heb mijn uiterste best gedaan om hun zorgen weg te nemen. Want natuurlijk moeten de kinderen gewoon op het Van de Vennepark blijven spelen. De bezoekers van de gebruikersruimte mogen daarom niet rondhangen in de directe omgeving van het pand of in portieken in de buurt. Zij hebben er belang bij om zich aan de regels te houden, want anders raken zij hun pasje kwijt. Ervaring in andere steden leert dat ze dat willen voorkomen. De politie houdt streng toezicht en doet er alles aan om de veiligheid op straat te waarborgen. Bovendien zullen de effecten van de gebruikersruimte nauwkeurig worden gemeten. Als blijkt dat de doelstellingen niet worden gehaald, wordt de gebruikersruimte gesloten. In het voortraject hebben we talloze wijkbewoners gesproken over de gebruikersruimte via bezoeken aan buurthuizen, buurtpunten en buurtvaders, belrondes en informatieavonden. We hebben bijeenkomsten en gesprekken in de wijk georganiseerd om uit te leggen wat gebruikersruimten zijn en hoe ze functioneren. We zijn bij mensen thuis geweest en in de moskee. Ook zijn we met wijkbewoners op bezoek geweest bij een gebruikersruimte in Apeldoorn om te horen wat daar de ervaringen zijn. Duizenden informatiefolders zijn verspreid en mensen zijn uitgenodigd en gekomen op informatiebijeenkomsten. Wat ik lastig vond is dat een aantal direct omwonenden van het Van der Vennepark niet geïnformeerd wilden worden. Ze hadden ook geen behoefte om mee te gaan naar Apeldoorn. Er is enorm gecommuniceerd, over en weer, maar we zijn het inhoudelijk niet eens geworden. Daarnaast is het jammer dat het besluitvormingstraject zo lang heeft geduurd. Ik besef goed dat dat veel extra spanning heeft veroorzaakt bij mensen. Het kon echter niet sneller. Vanuit de gemeenteraad werd namelijk gevraagd om, naast het Van der Vennepark, een tweede locatie in het oude Centrum/Stationsbuurt, die dan ook nog als eerste open zou gaan. Het zoeken naar deze tweede plek kostte tijd. Uiteindelijk heeft het college gekozen voor het Zieken 107, een pand waar al geruime tijd voorzieningen voor verslaafden en dak- en thuislozen een plek hebben. De voorziening aan het Zieken is inmiddels enkele maanden open en draait goed. Er is tot op de dag van vandaag geen enkel incident gemeld, noch bij Parnassia, noch bij de Politie, noch bij de Begeleidingscommissie. De voorziening aan het Van der Vennepark gaat binnenkort open en de omwonenden zijn uitgenodigd om in de voorziening een kijkje te komen nemen. Drijfveer Wat beweegt mij en heeft mij bewogen ondanks alle emoties om met dit dossier door te gaan? Een dergelijke voorziening in een buurt ‘valt’ bepaalt niet gemakkelijk. Ik kan me verplaatsen in de mensen die een gebruikersruimte in hun straat krijgen en onderken de heersende angsten, want ik realiseer me dat verslaafden echt niet de meest geciviliseerde burgers zijn. Ik zie echter in andere steden en bij mezelf in de straat – de methadonverstrekking van Parnassia – dat voorzieningen voor harddruggebruikers goed te beheersen zijn. Uiteindelijk schiet iedereen er wat mee op, want de gebruiker komt van de openbare ruimte in een inpandige voorziening waar contact goed mogelijk is; zo leer je hem weer kennen en is een hulpverleningsrelatie mogelijk. Bij de gesprekken met die mensen, ook in het stadhuis tijdens de lunch met dak- en thuislozen, merk ik dat de bejegening als mens cruciaal is, dus zijn ze aanspreekbaar op hun gedrag. Dat is volgens mij de essentie. Het gaat daarbij niet alleen over uitsluiting van verslaafden. Ook de andere doelgroepen binnen mijn portefeuille, zoals de psychiatrische patiënten en gehandicapten kun je als samenleving niet buiten spel zetten, ze horen erbij. Ik ben er oprecht van overtuigd dat wanneer we goed zorgen voor deze mensen het ons allemaal voordelen biedt. Als deze mensen hun plek krijgen hoeven anderen zich minder onprettig te voelen op straat, is er minder overlast, minder criminaliteit en neemt de leefbaarheid in wijken toe. De gemeenteraad heeft in juni 2004 met de plannen ingestemd. Nu gaat het er om dat de voorzieningen draaien in, als het aan ons licht, nauwe samenspraak met de omwonenden. Daar doen we samen met de politie en de verslavingszorg van Parnassia onze uiterste best voor zodat voor álle Hagenaars, oud en jong de verslavingsoverlast vermindert.
|